Banner

Bouwstenen

5 oktober 2020 | Door:  Gerrald Heijnen

Ruim voor de zomervakantie is er voor ons fiscalisten een interessant rapport van het Ministerie van Financiën verschenen. Het betreft het rapport ‘Bouwstenen voor een beter belastingstelsel’. Door middel van elf onderzoeken zijn zeven knelpunten gesignaleerd. Op deze knelpunten zal een volgend kabinet richting moeten bepalen voor de toekomst.

Het totale rapport bestaat uit ongeveer 1.000 pagina’s. Hoewel dit niet de bouwstenen zijn waar u mee gewend bent te werken wil ik u toch meenemen in een enkele onderdelen van dit rapport. Ik bespreek het onderdeel dat iets zegt over het belasten van winst en het onderdeel dat iets zegt over belastingheffing bij bedrijfsopvolging bij erven en schenken.

Belasting over de winst

Het rapport meldt dat er een groot verschil is in belastingdruk tussen:

Een terechte constatering. De werknemer betaalt ongeveer 1/3 meer belasting dan een ondernemer in de inkomstenbelasting. Dit verklaart voor een groot deel waarom er zoveel ZZP’ers zijn in Nederland. Dit is door de fiscale voordelen erg aantrekkelijk. Daarnaast hebben we nog de ondernemers met de grotere winsten. Voor hen is het aantrekkelijk om hun onderneming vanuit een besloten vennootschap (hierna: BV) te drijven. De winst van deze BV wordt belast met vennootschapsbelasting, het loon van de directeur met inkomstenbelasting en het uiteindelijk uitkeren van de opgebouwde reserves ook met inkomstenbelasting. Door de verschillen in belastingdruk zijn wij mensen geneigd tot ‘belastingontwijking’. Met andere woorden: hoe hou ik netto meer over met hetzelfde werk.
Dit ontwijkgedrag wil de wetgever gaan ontmoedigen. Het rapport legt de nadruk op de ondernemers die vanuit de BV opereren. De winst van de BV wordt in verhouding laag belast en door het uitkeren van dividend uit te stellen wordt ook de heffing van inkomstenbelasting over de opgepotte winst uitgesteld. Enkele aanbevelingen die in het rapport gedaan worden zijn:

  1. Afschaffen van het lage tarief in de vennootschapsbelasting.
  2. Hoger tarief in de inkomstenbelasting over de opgepotte winsten.
  3. Beperken van de mogelijkheden van lenen van de eigen BV.
  4. Inperken van doorschuiven van de inkomstenbelastingclaim bij vererving of schenking van aanmerkelijk belang aandelen.

Deze aanbevelingen moeten dus belastingontwijking, door de onderneming vanuit de BV te drijven, tegengaan. Als deze aanbevelingen door de politiek worden overgenomen en omgezet worden in wetgeving zal dit zeker gevolgen gaan hebben voor uw fiscale positie. Reden genoeg om dan weer eens te kijken of uw positie wel zo voordelig is of dat u dat anders moet inkleden.

Erf- en schenkbelasting

Een andere aanbeveling die wordt gedaan ziet op de bedrijfsopvolgingsregeling in de erf- en schenkbelasting. Deze regeling zou nu veel te ruim zijn en moet ernstig worden versoberd. Dit betekent dat er wellicht een belangrijke vrijstelling wordt geschrapt. Dit schrappen van de vrijstelling bij bedrijfsopvolging kan echt in de papieren gaan lopen.
Als een onderneming met een waarde van € 2 miljoen geschonken wordt, dan ben je in de huidige situatie € 17.850,- aan schenkbelasting verschuldigd. Wordt de huidige vrijstelling afgeschaft dan bedraagt de verschuldigde schenkbelasting € 387.327,-. Hoe het eruit zal komen te zien weten we nu niet, maar zeker is wel dat de bedrijfsopvolgingsregeling in de erf- schenkbelasting nooit meer zo ruim zal zijn als op dit moment. Wilt u binnen nu en een aantal jaren uw bedrijf overdragen dan is het wellicht nu het moment om in actie te komen om nog van de huidige regeling gebruik te kunnen maken.

Het artikel is gepubliceerd op Bouwtotaal

Gerrald Heijnen

Gerrald Heijnen

Belastingadviseur

088 2531430 | gheijnen@alfa.nl


Meer over Gerrald