Banner

Tijdelijke verlease van stikstofrechten

9 februari 2024 | Door:  Jantina Oerlemans

Op 5 januari 2024 heeft de Rechtbank Gelderland een uitspraak gedaan in een zaak (ECLI:NL:RBGEL:2024:25) waarbij tijdelijk stikstofrechten werden verleast. In de uitspraak stelt de rechtbank dat het bevoegd gezag ook bij tijdelijke verlease van stikstofrechten oog moet hebben voor de inperking bij de saldo-gevende activiteit.

Situatie

Een geitenhouderij wenst zijn onderneming uit te breiden. Dit wil hij doen door luchtwassers te installeren op de stallen. Tot het moment dat dit systeem was geïnstalleerd, wilde hij tijdelijk emissierechten leasen om deze tussenliggende periode te overbruggen voor wat betreft stikstofrechten. Hiervoor heeft hij als saldo-ontvanger een leaseovereenkomst gesloten met een tegenpartij, de saldogever. 

De vraag die in deze zaak centraal staat is of de leaseovereenkomst in combinatie met de voorschriften uit de natuurvergunning aan de saldo-ontvanger, voldoende waarborgt dat de stikstofrechten bij saldogever en saldo-ontvanger niet gelijktijdig worden gebruikt.

Uitspraak

Volgens de rechtbank volgt niet direct uit jurisprudentie dat een (civielrechtelijke) overeenkomst tussen partijen inzake de overname van het stikstofdepositiesaldo voldoende is om extern te salderen. Er moet daarnaast ook vast komen te staan dat de saldo-gevende activiteit bij de verleaser feitelijk daadwerkelijk is of wordt beëindigd. Alleen dan kan het depositiesaldo van de saldogever worden aangewend door de saldo-ontvangende partij. De beëindiging bij de saldogever dient zodanig te zijn vormgegeven, dat een nieuwe of hernieuwde activiteit op die locatie niet kan plaatsvinden met diezelfde – overgedragen – depositiesaldo.

Daarnaast ziet de rechtbank geen aanleiding om aan tijdelijke externe saldering minder voorwaarden te stellen dan aan regulier (blijvend) extern salderen. Ook tijdelijk extern salderen is een zogeheten mitigerende maatregel. Een dergelijke maatregel houdt in dat deze wordt getroffen om negatieve gevolgen van een project of activiteit met het oog op de Wet Natuurbescherming (sinds 1 januari 2024 Omgevingswet) te voorkomen.

Conclusie

Conclusie is dat de publiekrechtelijke borging in deze zaak, waarin alleen voorschriften aan de natuurvergunning voor het saldo-ontvangende bedrijf zijn verbonden, onvoldoende is. Deze voorschriften binden immers alleen het saldo-ontvangende bedrijf en niet het saldo-gevende bedrijf. De vergunning van saldogever dient derhalve publiekrechtelijk te worden ingeperkt en dit heeft hier niet plaatsgevonden.

Jantina Oerlemans

Jantina Oerlemans

Juridisch adviseur

088 2532347 | joerlemans@alfa.nl


Meer over Jantina